Mjam!

Grobbendonk aan het woord

De integratie van collectief groen in het gemeentelijk en sociaal weefsel van Grobbendonk en deelgemeente Bouwel is een belangrijk aandachtspunt in het beleid. Deze case behandelt drie groenzones en pleintjes in verkavelingen en straten die momenteel op een weinig kwaliteitsvolle manier worden ingevuld.
Openbare open ruimte is kostbaar en heeft belangrijke functies te vervullen zoals klimaatbuffer, bron van biodiversiteit, plaats voor sensibilisatie, korte keten gezonde voeding, zachte recreatie, sociale ontmoetingsplaats, rustplaats, wandelroute, …
De gemeente heeft prioritaire zones afgebakend met daarin een aantal terreinen om aan te planten met eetbaar groen om tegemoet te komen aan noden op het raakvlak van biodiversiteit, gemeenschapsvorming (collectief tuinieren) en korte keten. Het is belangrijk dat we dit vorm geven vanuit een kwalitatief participatief traject om het project maximale slaagkansen te bieden.  Naast de lokale landbouwers die actief zijn met korte keten, betrekken we zo veel mogelijk stakeholders zoals de transitiegroep, de omwonenden van de zone, kansengroepen en scholen.  

We hebben in 2019 en 2020 reeds een aantal acties ondernomen maar op vraag van enkele omwonenden wordt gezocht naar een meer participatieve aanpak.
Het doel is om de buurt en lokale landbouwers samen te brengen rond het belang van korte keten, lokale voedselproductie, biodiversiteit,… Tegelijkertijd wordt de sociale cohesie van de buurt verhoogd. Doel is om minstens twee buurten in de gemeente hier rond aan de slag te krijgen en de landbouwers in de gemeente die korte ketenproducten aanbieden verder te lanceren.

Grobbendonk hoort graag de visie en insteek van de experten van het Laboratorium Publieke Ruimte inzake participatie, stappenplan, aanpak, biodiversiteitskansen, klimaat, korte keten, enz… en dit voor deze drie locaties:

  • Populierendreef: langgerekt perceel ten zuiden van de populierendreef
  • Heirbaan: L-vormig weiland in bosgebied
  • Kapelletjesweg: langgerekt landbouwperceel met aangrenzend bos in eigendom van de gemeente.

Meer concreet hebben we volgende vragen:

  1. Hoe gaan we starten, wat is de beste volgorde van de stappen?
  2. Hoe blijven we de geïnteresseerde landbouwers en transitiegroep motiveren om hieraan deel te nemen?
  3. Moeten we werken met gebruiksovereenkomsten met de deelnemers?
  4. Hoe betrekken we omwonenden, hoe houden we rekening met alle bekommernissen en negatieve opmerkingen?
  5. Hoe kunnen we de ruimte invullen als we accenten leggen op duurzaamheid, biodiversiteit, klimaat, zachte recreatie en korte gezonde keten voedsel?
  6. Hoe kunnen we visionair tewerk gaan om van deze ruimten landschapsparels te maken waar iedereen graag komt, vertoeft en motiveert om ook duurzamer te leven?
  7. Hoe kunnen we het erfgoed verleden ( kelten, romeinen) in een verhaal op deze openbare ruimten terug visueel kenbaar maken?
  8. Hoe kunnen we toekomstbomen en klimaatbomen een plaats geven die duurzaam naar de toekomst verzekerd worden?
  9. Hoe maken we van deze groene ruimten stapstenen voor fauna, flora en de inwoners? Hoe pakken we dit aan?
  10. Hoe zorgen we dat het belang van korte keten voedsel, de groene invulling, de onthardingen,  gesmaakt wordt ook tijdens feestdagen?
  11. Hoe krijgen we de projecten  verteerbaar voor iedereen ook de nee-mensen. Hoe maken we er projecten van iedereen van en hoe dragen we bij tot duurzaam open ruimte beheer?

Wat zeggen onze experten?

Eerst en vooral, het is erg normaal dat je geen antwoorden hebt op deze vragen. Bijna alle antwoorden zijn ook te vinden als gevolg van een participatief traject. Betrek burgers en laat je inspireren door lokale kennis en draagvlak. Niet alleen krijg je daardoor meer zicht op de precieze mogelijkheden naar invulling toe, maar het beperkt de nee-zeggers op termijn, verhoogt de betrokkenheid nu en in de toekomst en vergroot het verantwoordelijkheidsgevoel en de zorg die burgers en omwonenden voor deze nieuwe publieke locaties gaan dragen.

1.     Hoe gaan we starten, wat is de beste volgorde van de stappen?

Een publieke ruimte een gemeenschapsfunctie geven, betekent bijna altijd dat je een participatietraject zal doorlopen. Een basisschema voor participatieve projectplanning kan je terugvinden op de website van Avansa (link in de infopagina).

Baken je doelen en onderwerp / thema af en blijf je focus houden. Wat wil je bereiken met een participatietraject? Maak een kader op waarbinnen beslissingen wel en niet gemaakt kunnen worden.

Stel vooraf een lijst samen met alle betrokkenen en doe dit best zo uitgebreid mogelijk om te vermijden dat sommige instanties of mensen zich vergeten voelen.

Stel verder ook een tijdlijn op, maar wees hierin flexibel. Een participatief traject vraagt om de nodige flexibiliteit om draagvlak te laten groeien. Denk vooraf na over de rolverdeling van je betrokkenen. Gaan zij enkel ideeën kunnen aanleveren, of gaan zij advies formuleren, mee aan de ontwerptafel zitten, … . Wees ook duidelijk over de financieringsmogelijkheden.

Maak van het startmoment een informele en feestelijke gebeurtenis (iets voor na corona…)!

2.     Hoe blijven we de geïnteresseerde landbouwers en transitiegroep motiveren om hieraan deel te nemen?

  • Motiveer, inspireer en enthousiasmeer
  • Geef hen een stem. Luisterbereidheid is een belangrijk basisvoorwaarde.
  • Geef hen verantwoordelijkheid. Je kan de hoofddoelen desgewenst zelf bepalen, maar laat de burger over de subdoelen mee-beslissen.
  • Zorg voor aanwijsbare win-win
  • Blijf op kruissnelheid vanaf de start.
  • Maak het plezant.

3.     Moeten we werken met gebruiksovereenkomsten met de deelnemers?

Vraag het aan je deelnemers zelf wat ze hiervan vinden.

Doorgaans zijn schriftelijke afspraken opgelijst in te handtekenen documenten dé perfecte afknapper. Stel jezelf de vraag of dit écht wel nodig is en of een ouderwetse handdruk niet volstaat in deze gevallen. Ga desnoods een na hoe een gemiddelde samentuin hun afspraken vastlegt. Als je toch iets op papier wil hebben, denk dan na over “zachtere” alternatieven als een engagementsverklaring of een charter.

4.     Hoe betrekken we omwonenden, hoe houden we rekening met alle bekommernissen en negatieve opmerkingen?

Even een ontnuchterende bemerking: Rekening houden met alle bekommernissen is niet mogelijk. Besturen is keuzes maken. Je burger via een participatietraject een stem geven, is aan te bevelen, maar niet alle stemmen zullen ingewilligd kunnen worden omdat ze ofwel onderling tegenstrijdig zijn of tegenstrijdig zijn met het lokaal beleid / wetgeving. Meestal volstaat het dan ook dat je de kans op inspraak maximaal maakt en de uiteindelijke keuze democratisch tot stand laat komen. Het resultaat is het hoogst haalbare gemeenschappelijke doel. Samenwerken impliceert ook water bij de wijn kunnen doen. Voor hardnekkige einzelgängers is er dus helaas geen plaats.

Het betrekken van omwonenden kan je op vijf ambitieniveaus organiseren: informeren, raadplegen, adviseren, coproductie en meebeslissen. Participatie is in elk niveau nuttig. Daarbij geldt: het is beter goed te raadplegen dan slecht coproduceren.

5.     Hoe kunnen we de ruimte invullen als we accenten leggen op duurzaamheid, biodiversiteit, klimaat, zachte recreatie en korte gezonde keten voedsel?

Dit is een vraag die beantwoord wordt door participatie en is dus bijgevolg iets waar je vooraf eigenlijk niet van wakker moet liggen.

Tot de mogelijkheden behoren (zie infopagina voor links):

  • Biologische samentuin of CSA-tuin waarbij een lokale boer de centrale beheerder is. (CSA = Community Supported Agriculture)
  • Bijenstal
  • Voedselbos
  • Tiny forest
  • Speelbos / speelzone
  • Groene ontmoetingsplek

Zoek desnoods foto’s en videomateriaal van inspirerende voorbeelden uit binnen-en buitenland als aanzet voor verder overleg en ontwerp.

6.     Hoe kunnen we visionair tewerk gaan om van deze ruimten landschapsparels te maken waar iedereen graag komt, vertoeft en motiveert om ook duurzamer te leven?

Deze vraag leunt sterk aan bij vraag 5 en is daardoor al deels beantwoord.

Je kan jezelf ook laten inspireren door de dienstverlening en realisaties van landschaps-, natuur- en plattelandsvereningen. Bekijk zeker ook de infopagina op deze blog. Deze bevat een schat aan informatie en links die je kunnen verder helpen hierin.

7.     Hoe kunnen we het erfgoed verleden ( kelten, romeinen) in een verhaal op deze openbare ruimten terug visueel kenbaar maken?

Hiervoor het je twee zaken nodig: enerzijds een verhaal (en dat hebben jullie) en anders mensen die dit verhaal kunnen overbrengen. Ga op zoek naar lokale kennis, in je eigen archieven maar ook bij je burgers. Misschien liggen er lokaal in Grobbendonk ook kansen bij kunstenaars, grafisch ontwerpers, enz… om deze verhalen te visualiseren.

8.     Hoe kunnen we toekomstbomen en klimaatbomen een plaats geven die duurzaam naar de toekomst verzekerd worden?

Om bomen in de toekomst maximale kansen te geven is een doordachte soortenkeuze die ook rekening houdt met de lokale groeiomstandigheden en standplaats cruciaal. Verlies het eindbeeld van de boom niet uit het oog en houd hier rekening mee bij de keuze van de plantlocatie. Met andere woorden, voor een vrij uitgroeiende boom die een uiteindelijke kroonhoogte en kroonbreedte van 15 meter bereikt, voorzie je best meteen voldoende plaats.

Heb aandacht voor een kwalitatieve en correcte manier van aanplanten en zorg tijdens de eerste jaren van groei. Vermijd dus drukbelasting ter hoogte van de wortelkluit (geen parkeerzone!), zorg voor watergift tijdens extreme droogte en vermijd contact met strooizouten.

Voor details, kan je beroep doen op de expertise van ANB, bosgroep, Bos+, natuurpunt, Velt,…

9.     Hoe maken we van deze groene ruimten stapstenen voor fauna, flora en de inwoners? Hoe pakken we dit aan?

  • Zet in op inheems plantsoen zodat onze eigen fauna er ook gebruik van maakt.
  • Denk na over niet toegankelijke rustzones voor fauna én flora.
  • Overweeg het gebruik van soorten met verschillende bloeitijden zodat er altijd wel wat te vinden is voor bijen, vlinders, hommels, vogels,…
  • Betrek omwonenden bij het beheer van dit groen.

10.  Hoe zorgen we dat het belang van korte keten voedsel, de groene invulling, de onthardingen,  gesmaakt wordt ook tijdens feestdagen?

Zet sensibiliseringsacties op poten. Het begint bij het informeren van je burgers. Dat kan via het gemeentelijk infoblad, folders, tentoonstellingen, vertellingen, filmvoorstellingen, schoolpakketten, wandelingen, …

Waar mogelijk kan je er zelfs een wedstrijdformule aan koppelen. Denk maar aan “wie heeft de lekkerste groenten uit den hof” of “de dikste pompoen van de wijk”.

11.  Hoe krijgen we de projecten  verteerbaar voor iedereen ook de nee-mensen. Hoe maken we er projecten van iedereen van en hoe dragen we bij tot duurzaam open ruimte beheer?

Zie antwoord bij vraag 4.

En vergeet niet: … “Neen-mensen bestaan niet. Ze worden enkel de verkeerde vragen gesteld.”

Ook de koppeling met de ecosysteemdiensten kan soms “helend” werken. Het leveren van biodiversiteit is veruit de meest voor de hand liggende, maar mensen vergeten vaak andere aspecten als verkoeling, buffer voor water, luchtzuivering, geluidsbuffering, fysiek en mentaal welzijn, educatieve waarde, ontmoeting en sociale cohesie en stijgende vastgoedwaarde.

Nuttige links en informatie

Wil je jezelf laten inspireren om je publieke ruimte een kwalitatieve invulling te geven? Je weet niet goed hoe je hieraan moet beginnen? Neem zeker hier een kijkje!